In 1872 wordt de kerk van de Jehova getuigen opgericht door
Charles Taze Russel. Onderstaand voorbeelden van zaken die Jehovagetuigen
geloven, maar die niet zo in de Bijbel staan (ook niet in hun Bijbel) en enkele
voorbeelden van teksten die door Jehovagetuigen verkeerd vertaald worden.
Godheid van Christus
Jehovagetuigen geloven niet in de godheid van Christus. In
Johannes 20: 28-29 staat in de Nieuwe Wereldvertaling[1]:
“Thomas gaf hem ten antwoord: „Mijn Heer en mijn God!” Jezus zei tot hem:
„Omdat gij mij hebt gezien, hebt gij geloofd? Gelukkig zijn zij die niet zien
en toch geloven.” Waarom corrigeert Jezus Thomas niet in deze passage, maar bevestigt
de woorden van Thomas door te zeggen dat hij zalig is omdat hij gelooft?
Terwijl de apostelen wanneer ze iets verkeerd zeggen op andere plekken wel worden
terechtgewezen, bijv. Lc. 9: 33, waar gezegd wordt: “Toen dezen van Hem weg
wilden gaan, sprak Petrus tot Jezus: Meester, het is ons goed, hier te zijn;
laat ons drie tenten opslaan, één voor U, één voor Moses en één voor Elias. Hij wist niet goed wat hij zeide.” Je
zou toch verwachten dat Jezus heel fel reageert wanneer iemand hem God noemt,
terwijl Hij slechts eens mens is. Jezus spreekt Thomas niet tegen, wat een
indirect bewijs is voor zijn goddelijkheid.
